Haar frêle en elegante gestalte is de reflectie van de Rinascita, de Renaissance, en het klassieke filmdoek samen. Het gezicht van haar moeder had dan ook een Maria Callas gelijkenis, laat de familiefoto zien. Dat het schilderij van Sandro Botticelli, genaamd de geboorte van Venus, tot de voorkeuren behoort naast dat van Auguste Rodin, Pablo Picasso, Leonardo Da Vinci en moderner werk zoals dat van Marlène Dumas, is dan ook niet verwonderlijk.

Geboren werd ze in Jakarta maar groeide op in het voorheen Engelse Singapore als expat-dochter. Het fascinerende licht in de tropen voedde Theya al jong. Terug in Nederland begreep ze later dat waar je woont dat licht dan ‘gewoon’ is voor je. ‘Licht is heel belangrijk in mijn leven, ik verlang altijd naar het licht vanuit het donker ’s morgens’. Haar naam Theya (Theia) ‘koningin van het licht’, komt dan ook uit de Griekse mythologie. Zij was de dochter van Uranus en Gea aan welke de oorsprong van het licht werd toegeschreven. In de door haar zelf ontworpen prachtige stilistische tuin met enorme beuk prijken dan ook hoge Agapanthus met grote witte en blauwe bollen op zeer lange stelen alsof ze naar de hemel reiken. Deze ‘Afrikaanse’ kuiplelie of liefdesbloem geven in het donker fluoriserend licht. Hoezeer zijn deze bloemen dus op hun plek bij Theya. ‘Bomen symboliseren geschiedenis. Echte bomen zijn heel oud, een heel leven.’

 

Na de Rietveld volgde ze de Wackers Academie voor figuratieve kunst ín Amsterdam waar ze o.a. les kreeg van Sam Drukker. Eigenlijk ambieerde ze de prestigieuze Rijks Academie en was daar al aangenomen. Mede door haar huwelijk met Han Peekel, die ze al kende vanaf de Dortse schoolbanken en het moederschap wat zich aandiende –waar ze zich ten volle voor wilde inzetten en van genieten– zag

ze hier vanaf. ‘Het is eigenlijk een mannenberoep, het valt niet te combineren. De absolute top, dat moet je willen, net zoals ik naar de academie wilde. Het komt op je weg om het te kunnen doen. Dat ik dit kan doen in mijn eigen tijd zonder verplichtingen. Ik kan loslaten, dat is een karaktertrek geen prestatie.’Ze eist het beste, behalve van zichzelf ook van de door haar gebruikte

materialen én superieure kwaliteit. ‘Het is nooit zomaar met alles, maar op míjn beste manier en nooit onderdoen voor wat je kunt.’ De pure pigmenten mengt ze met eerste klas olie, het linnen spant ze eigenhandig op en zo prepareert ze ook doek en handgeschept papier met konijnenlijm. ‘Met pigmenten kun je het licht er niet induwen, met olieverf wel.’Een van haar gebruikte technieken is sfumato wat ‘rokerig’ betekent en in de 15e eeuw is ontwikkeld door Da Vinci. Dit kan alleen met in lagen over elkaarheen aangebrachte transparante olieverf worden bereikt. Het werk moet er in één keer juist en perfect worden opgezet. Het effect is een soort wazige bewegelijkheid maar met vage contouren van de afgebeelde gestalte in warme diepbruinrode tinten als ware het van de Italiaanse meester zelf. De voorstudies doet ze in houtskool– al prachtig werk op zich– over wat er zich in de mens zijn binnenwereld afspeelt.

‘Ik schilder 3-dimensionaal niet plat. Dat je ziet dat een lichaam rond is, er zit vlees op zo een arm! Daarvoor moet je het geheel ruimtelijk kunnen overzien, net als architecten en landschapskunstenaars.’Het is niet het portret van de persoon an sich die Theya schildert. Ze heeft veel kunsthistorische kennis en haar favoriet ligt niet bij Gogh zijn portretten. ‘Hoe hij mensen schilderde, meer gekleurde schaduwen. Mensen zijn het meest boeiend, hoe zo een lichaam in elkaar zit. Portretten hebben meer in zich dan je denkt te zien.’ Het is het verhaal en de emotie daarvan uitdrukkend zoals in de mythologie gewoon was. De symboliek van de kleine dingen of gebaren die zo treffend de gevoelssituatie duiden in haar werk, zoals een klein briefje in een hand waarvan de boodschap kennelijk grote verslagenheid teweeg bracht. Haar werk is museaal te noemen. Door het inlijsten van het geschilderde, op perkament lijkend papier met geschulpte buitenrand geklemd tussen twee glasplaten in, versterkt het transparante en middeleeuwse effect extra.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tijdens haar jeugd in het Verre Oosten was er weinig voorhanden dan enkel inkt en een kalligrafeerpen waar Theya dan ook mee experimenteerde maar zodanig dat het fantasietekens werden i.p.v. Chinese. Ze was tien jaar lang enig kind tot haar zusje zich aandiende. Waarschijnlijk de reden dat ze wel 30 Steiff beren–knopf im ohr–, Käthe Kruse- en Schildpadpoppen bezat. Multi getalenteerd als ze al was met aanleg voor het multidimensionale, bouwde ze poppenhuizen met Mobako, een soort houten constructiemateriaal. Ze gebruikte kunststofmatjes of wat ze maar te pakken kon krijgen voor de aanleg van de poppenhuistuinen met echte mini orchideeënkwekerijen. Haar vroege feeling voor couture en stoffen bleek doordat ze de poppenkleren zelf ontwierp en naaide, iets wat ze later naar zichzelf toe doortrok.

Ze typeert zichzelf liever als met een kosmopolitische achtergrond –wat Singapore toen al was– dan met een koloniale, daar herkent ze zich totaal niet in. Er was veel kunst aanwezig in haar Singaporese periode. Van verschillende etnisch culturele stromingen; Chinese, Arabische, Maleise en Indiase deze kregen invloed op haar huidige keramische werk. Met batikstempels maakte ze o.a. afdrukken in aardewerken schotels. Zo ontstond een servies met theepotjes waarvan een met een olifantenslurftuit, ooit tentoongesteld in het Fries museum te Leeuwarden. Ook duo objecten met hun lokale betekenis zoals ‘rijstmannetjes’, van oudsher Oriëntale goden, vonden hun ontstaan via haar scheppende handen. Getalenteerd zoals Theya is begon ze ooit met beeldhouwen maar stopte toen haar handgewrichten pijn begonnen te doen. ‘Ik kan niet zeggen wat mijn grootste talent is. Op school kwam er al uit de beroepentest binnenhuis- en tuinarchitect. Ik ben erg geïnteresseerd in veel en verdiep me daar dan in. Als kind lag ik op mijn buik in het gras om te kijken waar die mieren dan heen gingen en wat ze deden. Ík ben het gewoon met een eigen visie. Modellen zeggen vaak wel dat ik ze mooier maak’.

Ze was eigenzinnig en door het gevoel dat ze elke dag hoger wilde reiken, over haar grenzen heen moest transformeren was ze niet te stoppen. ‘Eigenlijk kan je alles wat je wilt. Eerst word je geleerd dat moet zo en zo, uiteindelijk doe je wat jezelf wilt’. Zo schilderde ze bijvoorbeeld op sleetse Perzische tapijten, wat haar door het ruwe materiaal vele kwasten kostte en later de mot bij op bezoek kwam. Ook werkt ze op houten panelen. De ondergrond krijgt eerst een goudlaag wat dan doorschijnt naar de bovenlaag, het geeft een schittering. Theya maakt ook bezield 3 luiken. ‘Je moet groot leren denken als je dingen op formaat neerzet anders wordt het gepiel. Achteruit kunnen lopen om het op afstand te kunnen zien. Je hoeft niet alles in één schilderij te stoppen. De een moet ook zonder het ander kunnen bestaan.’

Door waterschade is veel van haar opgeslagen werk beschadigd of verloren gegaan. Ze heeft zichzelf ook een tijd door omstandigheden achteruitgezet. Wellicht komt er nu ruimte voor een boek over haar leven en werk en om de dingen die ze het liefst maakt weer op te pakken.

Het portret van haar oudste dochter Cato-Margo, de meewarige blik in afwezigheid zo knap gevangen. Voor de daar gebruikte techniek heeft ze een eigen methode ontwikkeld, de ‘Theya-methode’. Het pure ongebleekte linnen verft ze in één keer in de gewenste ‘koude’ onderkleur en zet daarover heen de ‘warme’ kleuren van het portret. Weer in die bijzondere combinatie van herkenbare lijnen, vervaagd ingevuld. En bij het weggaan: ‘Het beste is dat je kunst door je wimpers heen met half gesloten ogen bekijkt. Dan zie je meteen de essentie van iets.’

 

 

 

 

 

Who am I to be brilliant, gorgeous, talented, fabulous?

Actually, who are you not to be?

Marianne Williamson

 

 

 

Tekst© Josette Berg 2013

Theya Th. Peekel – Schilt – (1948) - Beeldend Kunstenaar.

 

‘In het gewone schuilt de schoonheid’